Familie Cigrang [17]

Christian Cigrang

Vermogen € 1 233 335 000
Gekend als Cobelfret
Activiteit Rederij
Inplanting Antwerpen en Luxemburg
Tendens Stijgend
Huidige positie 17


De Antwerpse familie Cigrang heeft een moeilijke relatie met België, zowel financieel als operationeel. De groep verlegde haar hoofdzetel naar Luxemburg en ook stamvader Camille Cigrang heeft de dubbele – Belgische en Luxemburgse – nationaliteit. Camille Cigrang heeft het beleid van zijn rederij overgelaten aan zijn 45-jarige zoon Christian. Samen met zijn broers Jean-Philippe, Pierre en Michel is hij ook de hoofdaandeelhouder van de groep Cobelfret.

Die rederij heeft een moeilijk operationeel verleden in België. Cigrang moest met verschillende havenbesturen zware geschillen uitvechten. In Oostende liep het bijvoorbeeld goed fout. Ook in Zeebrugge was dat zo, maar toch is de groep daar nu teruggekeerd. Cobelfret is een erg gediversifieerd bedrijf met onder meer intercontinentaal vervoer van droge massagoederen zoals steenkool en ijzererts, maar daarnaast ook ferrydiensten van personen en voertuigen naar Groot-Brittannië. Verder exploiteert de groep zeven haventerminals in Noordzeehavens.

Net als zijn vader schuwt Christian Cigrang de media en de publiciteit. Toch is de familie een bekende naam in de kunstwereld. Zo beheren ze onder meer een belangrijke collectie moderne kunst. Daarnaast heeft de Antwerpse familiale groep in 2013 een meerderheidsbelang genomen in het modebedrijf A.F. Vandervorst. Pierre Cigrang werd de nieuwe algemene directeur. Ook bij modehuis Christian Wynant nam de groep een belang van 50 procent.

In 2010 nam de familie een belangrijke diversificatie buiten de scheepvaart. Cigrang betaalde circa 130 miljoen euro voor een belang van 11 procent in de Bank Degroof, een van de belangrijkste vermogensbeheerders van het land. Meteen werd Cigrang zo de tweede grootste aandeelhouder van de bank. Deze participatie moet zowat het entreeticket zijn van de groep tot de Belgische haute finance. Deze participatie zorgde er ook voor dat de familie haar belangen in de bank in een afzonderlijke holding moest onderbrengen om financiële bankcontrole mogelijk te maken.