De Rijkste Vrouwen – nummer vier: Ségolène Frère

De Griekse reder-miljardair Aristoteles Onassis wist het al. “Als er geen vrouwen bestonden, had al het geld in de wereld geen enkele betekenis.” zo zei hij. Onze redactie maakte een overzicht van de 25 Rijkste Vrouwen van België. Onze grote ranglijst van Rijkste Belgen concentreert zich op vermogende families. In de meeste families zijn er vrouwelijke partners. Maar die hebben niet altijd financiële zeggingskracht. In de ons overzicht van Rijkste Vrouwen hebben we gezocht naar vrouwen die rechtstreeks vermogens hebben aangebracht, doorgaans dochters van vermogende vaders, en naar vrouwen die een eigen managementfunctie hebben opgebouwd, gekoppeld aan opgebouwd vermogen. U kan die succesvolle vrouwen samen met ons hier ontdekken. Vandaag nummer vier op onze lijst: Ségolène Frère.

Nummer 4
Ségolène Frère
“Ik heb er altijd veel waarde aan gehecht om intieme momenten met mijn kinderen te behouden.”
Vermogen: 2.954.704.000 euro
Het is eind augustus 2003 in Zuid-Frankrijk. De 25-jarige Ségolène Frère loopt aan de arm van haar vader, de miljardair Albert Frère haar huwelijksfeest binnen. Ze is gekleed in een unieke jurk van Dior. Dat modehuis zal als een rode draad doorheen haar leven blijven lopen. “Ik ben erg trots op wat mijn ouders hebben bereikt. En natuurlijk ben ik blij met de kansen die ze me hebben geboden. Maar dat is alles. Nu is het aan mij om naam te maken”, verklaarde ze daarna.
Het is vooral wat haar vader heeft bereikt dat de financiële wereld zal onthouden. De tegenstellingen over de Waalse miljardair Albert Frère zullen de man blijven achtervolgen tot na zijn dood in december 2018. Twee mythes komen daarbij boven drijven: Albert Frère werd rijk op de rug van de belastingbetaler via de verkoop van de Waalse staalindustrie enerzijds en hij vervolgde zijn pad op weg naar het fortuin door de uitverkoop van Belgische sleutelbedrijven aan Frankrijk anderzijds. Beide stellingen vereisen echter nuanceringen. Albert Frère was in de eerste plaats een koele investeerder die zocht naar rendement. Hij deed dat als kind van zijn tijd in een soms sterk gepolitiseerde Belgische en Franse omgeving.
Eén ding over Albert Frère is wel zeker: hij gaf zo goed als geen interviews weg. Wanneer de journalist Jean Vanempten een biografie uitwerkte over de Waalse miljardair, kreeg die wel toegang tot de man. Frère wou twee dingen rechtzetten: hij was geen parasiet van de staalindustrie en hij was geen uitverkoper van Belgische bedrijven. Historisch legde Frère de basis van zijn familiaal vermogen begin van de jaren ’80. De Franse president François Mitterand ging de Franse bank Paribas nationaliseren. Maar Albert Frère slaagde er in de Belgisch-Zwitserse belangen van Paribas te vrijwaren van de Franse machtsgreep. “Dat ik van staal rijk ben geworden, is een mythe. Ik heb dat nooit willen rechtzetten, maar ik was destijds al lang actief in de financiële wereld. Ik had toen al veel verdiend met beurshandel.” vertelde Frère aan Vanempten.
Albert Frère maakte mee fortuin door het op poten zetten van de internationale staalhandel, iets wat in die tijd zo goed als onbestaande was. Dat hij de winsten van zijn staalhandel kon opstrijken terwijl de staalproductie met verlies gebeurde en door de belastingbetaler gefinancierd moest worden, was het gevolg van een politieke beslissing. De Waalse politici, onder leiding van de socialist André Cools, wilden in de jaren zeventig niet dat de staalindustrie ten onder zou gaan; dat zou tot chaos leiden. Frère stapte uit de sector om financier te worden en via zijn holdings, in de eerste plaats GBL, participaties te nemen in bedrijven en die dan weer door te verkopen.
Frère had geen affiniteiten met de toenmalige staalbazen. Journalist Frans Crols noemde die staalbazen ooit “halve gangsters”. Hij had het dan onder meer over Jules Charlier, manager van Cockerill-Sambre. In 1981, bij een bezoek aan toenmalig premier Mark Eyskens, haalde Charlier doodleuk een revolver boven. Charlier: “Ik ben bedreigd, daarom heb ik altijd een wapen bij mij.”
Ook de standaarduitdrukking dat de Waalse financier de Belgische kroonjuwelen aan het buitenland heeft verkocht onderwerpt Vanempten aan een kritische analyse. Vanempten: “De vraag die meestal ontweken wordt, is hoe fel die kroonjuwelen nog schitterden. En dat is een heel ander verhaal.” Toen Frère via GBL de macht greep bij het Belgische petroleumbedrijf Petrofina, was het grootste Belgische bedrijf er slecht aan toe. Het ontbrak aan oliereserves en het rendement was ondermaats. Petrofina woog op GBL. En dus was de verkoop aan het Franse oliegigant Total een goede zaak. Frère ergert er zich ook aan dat men hem verwijt Belgische bedrijven meestal aan Franse groepen te hebben verkocht. Bij de verkopen speelde hij gewoon in op de toenmalige trend naar consolidatie in verschillende sectoren.
Frans Crols, lange tijd hoofdredacteur van het economisch magazine Trends en later journalist bij het Vlaams nationalistische Pallieterke, is het daar niet mee eens. Dat van die slechte resultaten van Belgische bedrijven klopt, maar het was een doelbewuste strategie om die Belgische bedrijven aan Frankrijk te verkopen en niet aan overnemers uit Groot-Brittannië of de VS, zo zegt Crols. Frère regelde veel via zijn Brusselse francofiele en Parijse contacten. Volgens Crols wist Frère zeer goed dat er een Franse strategie bestond om delen van de Belgische economie onder controle te krijgen. Een strategie die vanuit het Élysée werd gestuurd en die paste in het kader van een tegenbeweging tegen het eengemaakte Duitsland. Frankrijk wou zijn invloed aan de noordgrens versterken en kon daarbij op Albert Frère rekenen. En ook op Belgische politici die opkeken naar ‘La Grande Nation’, Frankrijk. Vooral bij de Franstalige liberalen vindt men er veel terug. Didier Reynders is het beste voorbeeld.
Uit het boek van Vanempten blijkt alvast dat Frère tal van deals kon afsluiten dankzij zijn gigantische netwerk in de Belgische en Franse bedrijfswereld, maar ook in de politiek. In een discreet appartement vlak bij de Brusselse Louizalaan werd dat netwerk tijdens met wijn overgoten lunches gestaag uitgebouwd. Ook in Parijs werkte Frère vanuit een privé-appartement aan zijn akkoorden die meestal bezegeld werden met een rijkgevulde lunch.
Albert Frère overleed op 92-jarige leeftijd. Zijn vermogen werd verdeeld tussen zijn zoon Gérald en zijn dochter uit een tweede huwelijk Ségolène. Zijn dochter zal nooit een actieve rol spelen binnen het familiaal imperium, net zo min als haar halfbroer Gérald. Ségolène huwde met Ian Gallienne. Hij zal wel een financiële rol opnemen binnen de Groupe Bruxelles Lambert, kortweg GBL, het centrale vehikel van de familie Frère.
Met een diploma “Bachelor of Arts in Business & Economics” van het Vesalius College op zak begon Ségolène Frère haar carrière als hoofd public relations bij de telecomoperator Belgacom, nu Proximus. Daarna trad ze in dienst bij het modehuis Dior als communicatiedirecteur bij Dior Fine Jewelry. Daar werkte ze samen met juwelenontwerpster Victoire de Castellane, familiaal verbonden met haar echtgenoot. In 2010 voegde ze zich bij de trouwe partner van haar vader, Bernard Arnault, miljardair en rijkste Fransman, in de raad van bestuur van Dior, een dochteronderneming van LVMH, de holding van Arnault. Ze zal goed bevriend worden met Delphine Arnault, dochter van Bernard.
In 2006 lanceert ze samen met haar nicht, Cordelia de Castellane, het luxe kinderkledingmerk ‘C de C’ zo genoemd naar Cordelia de Castellane. “Mijn vader houdt erg van het ondernemerschap, maar ik ga deze uitdaging alleen aan, want als hij geld in de zaak zou steken, zou hij overal controle over willen hebben!”, zo zei ze. Onder impuls van haar echtgenoot richten ze samen het familiaal investeringsvehikel FG Bros op. FG staat voor Frère en Gallienne, ‘Bros’ staat voor ‘broers’ en verwijst naar de vijf kinderen van het echtpaar, wiens financiële belangen via de holding worden behartigd. FDGBros belegt de dividenden die de familie ontvangt uit de participatie in onder meer de groep GBL.
Met FG Bros investeert ze onder meer in Mazarine, ’s werelds grootste organisator van modeshows. Het topmodel Bella Hadid stapte eind 2022 tijdens een modeshow in Parijs de catwalk op met alleen een slipje aan en de handen voor haar borsten. Vervolgens kreeg ze met spraytechnologie een witte jurk opgespoten. Het publiek was verbijsterd. De organisator van het evenement was het Franse communicatie- en evenementenbureau Mazarine, een begrip voor de grootste modehuizen en merken ter wereld. Mazarine organiseert modeshows, ontwerpt producten en verpakkingen, creëert websites, beheert communicatiecampagnes. Bij de klanten van het 30-jarige bedrijf zijn onder meer Louis Vuitton, L’Oréal, Biotherm, Jacquemus (prêt-à-porter), Jean-Paul Gaultier, Moët & Chandon en zelfs de Opera van Parijs.
Eind 2025 laat Ségolène Frère een journaliste van de Franse krant Le Figaro binnenkijken in haar gezin. Niet iedereen heeft het geluk gehad een vader te hebben die als industrieel zijn hele leven lang zakelijke strengheid wist te combineren met de geneugten van lekker eten, aldus de krant. De Belgische baron Albert Frère liet een druiventros op zijn wapenschild afbeelden. Dat benadrukte dat hij samen met de familie Arnault mede-eigenaar was van Château Cheval Blanc, één van de meest prestigieuze Franse wijnhuizen.
Aanleiding voor de ontvangst van de journaliste was de aankondiging dat het in 1920 opgerichte champagnehuis Lenoble werd overgenomen door de familie. Als moeder van vijf kinderen, in de leeftijd van 4 tot 21 jaar, beheert ze haar agenda met Pruisische discipline, maar zonder kostbare momenten op te offeren, aldus de krant. “Ik begin om 6 uur, ik eindig laat, maar elke minuut wordt optimaal benut”, legt ze uit. “De ochtend is gewijd aan het werk; de middag, indien mogelijk, aan een van onze kinderen of aan een sportactiviteit.”
Ségolène vertelt vol passie over Lenoble. “Op een dag proefde mijn man een cuvée en zei tegen me: ‘Dit is zo lekker, dit zouden we onze familiechampagne moeten maken.’” En zo geschiedde.
Haar kinderen zijn haar andere grote passie. „Ik heb er altijd veel waarde aan gehecht om intieme momenten met hen te behouden.“ Om dat te bereiken heeft deze meesteres van de tot in de puntjes geplande organisatie twee heilige gezinsrituelen ingesteld: het maandelijkse etentje onder vier ogen met elk van haar kinderen. “Dat is ons moment. Zelfs met mijn twee oudsten, die in Chicago studeren, houden we die band op afstand in stand.” Tweede ritueel, niet onderhandelbaar: het sportweekend waarin de kinderen het tegen elkaar opnemen bij polo, tennis, fietsen. Ze worden ook betrokken bij de druivenoogst. Het domein, dat zich uitstrekt over 14 ha, produceert slechts 300.000 flessen per jaar om de kwaliteit voorop te stellen. “We willen vooral niet de champagne zijn voor nachtclubs of opzichtige bruiloften. We richten ons op levensgenieters en wijnhandelaren die onze filosofie begrijpen: een puur product, zonder toegevoegde suiker, met karakter.” zo klinkt het.
Het champagnehuis wordt gerenoveerd en ingericht door Cordelia de Castellane, de nicht van haar man. „We willen een huis waar onze vijf kinderen en ook onze vrienden graag samenkomen. Een champagnehuis, zeker, maar vooral een landhuis in de mooiste zin van het woord. Het tegenovergestelde van die vele zielloze kastelen die alleen maar als etalage dienen: een levendige plek, met een grote open haard om in de winter bij op te warmen, druivenoogsten met vrienden, eenvoudige en heerlijke maaltijden“, zegt ze enthousiast inde krant. ”Een plek voor sportieve weekenden, want sport is onze gemeenschappelijke familietaal. Ook een plek om te lezen – ik lees niet genoeg vanwege mijn overvolle agenda, dat vind ik jammer.”