Familie Vandemoortele wordt de grootste diepvriesbakker van Europa

De familiale voedingsgroep Vandemoortele koopt de Franse producent van diepgevroren bakkerijproducten Délifrance over van de graancoöperatie Vivescia. De overname omvat meer dan 3.200 werknemers, veertien productiesites en een jaaromzet van ongeveer 930 miljoen euro. Hoeveel Vandemoortele voor het Franse bedrijf betaalt, werd niet bekendgemaakt. De transactie zou nog dit jaar kunnen worden afgerond. Délifrance levert diepgevroren bakkerijproducten aan onder meer supermarkten, horecazaken en bakkers in Europa en Azië. Meteen wordt de familie Vandemoortele de grootste diepvriesbakker van Europa. En meteen wordt ook een mislukte operatie uit 2007 terug rechtgezet.

Vandemoortele is al vijftig jaar actief in de bakkerijsector. Die activiteit is goed voor 3.500 werknemers, 28 productievestigingen en een omzet van 1,4 miljard euro die hoofdzakelijk wordt gerealiseerd in Europa en de Verenigde Staten. Vandemoortele-CEO Yvon Guerin ziet met Délifrance mogelijkheden voor synergieën “op vlak van versnelde groei, klantenservice, productaanbod, innovatie en branding”, zo zegt hij. “Dankzij een robuust investeringsplan zullen we de toekomstige groei versnellen.” Vandemoortele en Délifrance zijn complementair op vlak van diensten, producten en geografische verspreiding, zo klinkt het. Met Délifrance haalt het Belgische bedrijf bovendien een sterk merk in huis.

Vandemoortele is de vierde en Délifrance de negende speler op de markt van diepgevroren bakkerijproducten. Samen worden ze de grootste producent van in Europa. Het is de tweede grote deal die Vandemoortele deze week heeft aangekondigd. Dinsdag kondigde het bedrijf een akkoord aan over de overname van de Europese tak voor margarine en beleg van het Amerikaanse voedingbedrijf Bunge. Die activiteiten vertegenwoordigden een omzet van 450 miljoen euro. Vandemoortele publiceert vandaag ook jaarcijfers. De omzet van de groep is vorig jaar met 59 miljoen euro gestegen tot 1,99 miljard euro. De nettowinst steeg met 2 miljoen euro tot 111 miljoen euro. Volgens de CEO kende Vandemoortele in 2024 in een “stabieler en rustiger” economisch klimaat na enkele jaren van intense konsteninflatie.

Panavi

Vandemoortele koesterde eerder al ambitie om de grootste te worden in zijn sector. Maar bij de overname van het Franse Panavi in 2007 liep het verkeerd. Panavi was de Franse marktleider in diepvriesbakkerijproducten. Vandemoortele betaalde 300 miljoen euro inclusief de schulden voor de overname, evenveel als de volledige omzet van het Franse bedrijf. Op papier klonk de deal mooi: ‘Vandemoortele gaat door de overname van 3600 naar 5000 werknemers. De omzet uit diepvriesbakkerijproducten zal verdubbelen tot 600 miljoen euro. De bakkerijdivisie wordt de belangrijkste van het bedrijf. De afdeling wordt door de overname 1,5 keer groter dan de divisie vetten en margarines, die tot nu de belangrijkste was.’ Maar in de praktijk liep het slecht af. Vandemoortele verslikte zich in zijn schulden, een incident dat werd versterkt door de bakencrisis van 2008. Als enige reddingsmiddel werd de sojagroep Alpro verkocht. Alpro ging door als de kroon op het werk van de groep Vandemoortele. Twee jaar later hees Vandemoortele zich opnieuw in de winstcijfers. Maar het bedrijf had wel een ferme knauw gekregen. Die ligt ondertussen bijna 20 jaar achter de rug.