Kunst in Venetië: hoe Dries Van Noten de gruwel van de wereld verbergt

Wie in Venetië de verschillende nationale paviljoenen van de Biënnale 2026 bezoekt in de Giardini en de Arsenale merkt al snel dat hedendaagse kunst dikwijls gediend is met een goede copywriter die de achterliggend bedoelingen van de betrokken kunstenaar beter toelicht. Het geheel van de Biënnale staat daarbij onder de schaduw van de toegenomen geopolitieke spanning en conflicten. Het paviljoen van Rusland is herleid tot drie videoschermen. Dat van Israël is dan weer gesloten, volgens een A4’tje aan het raam voor verbouwingswerken. Oekraïne doet het met een opgehangen metalen structuur boven een depannagewagen. Iran is enkel terug te vinden ergens verloren in de stad met een gesloten vitrine die verwijst naar een mogelijke toekomst. Nog meest treffend is wellicht de bijdrage van Cuba die bestaat uit een installatie gemaakt van oude, lege olievaten, een verwijzing naar de uithongeringspolitiek van Donald Trump die de aanvoer van Venzolaanse petroleum naar het communistische eiland heeft stilgelegd en daarmee de Cubanen afsnijdt van alle elektriciteit. (Lees verder onder de foto)

Alle wereldse ellende wordt bedolven onder wat creatief wel zijn doel bereikt, onder meer de indrukwekkende eigen selectie van de Biënnale in de Arsenale. Maar bovenaan die loutering staat het Palazzo Pisani Moretta aan het Canal Grande dat nu is opgekocht door Dries Van Noten en onderdak biedt aan zijn eigenzinnige Fondazione. Van Noten probeert letterlijk te ontwapenen met de boodschap “The only true protest is beauty”. (Lees verder onder de foto)

Van Noten geeft die boodschap vorm met een eigen selectie van kunst waarbij ambachtelijkheid, vakmanschap en tradities overheersen en alvast genoeg moeten overheersen om de lelijkheid van de wereld te verbergen of even te vergeten. Twintig zalen, verdeeld over drie verdiepingen, stralen kunst en schoonheid ook, maar meteen ook een deel macht en rijkdom. Daarbij ontwijkt Van Noten de harde realiteit niet. In “The Colour That Doesn’t Exist” kleedt Ayham Hassam een zwarte etalagepop in rubberkettingen gemaakt van de elastieken waarmee jonge Palestijnen schietlappen maken en waarmee ze de rubberkogels van Israëlische soldaten bestrijden. “Wij Palestijnen hebben de luxe niet om weg te kijken.”, zo schrijft Hassam, “Maar we kunnen ook niet alleen maar rouwen. Met enkel rouwen overleef je niet. Dat is waarom schoonheid belangrijk is. Dat is waarom mode belangrijk is.” (Lees verder onder de foto)

En schoonheid presenteert Van Noten volop. Kledingstukken van Rei Kawakubo en Christian Lacroix. Goud geschilderde schedels van Katsuyo Aoki. Keramiek van Kaori Kurihara, Takuro Kuwata en Virginia Leonard, blauw namaakkristal van Isaac Monté en aantrekkelijke verenbeelden van Kate MccGwire. (Lees verder onder de foto)

Het topstuk van de exhibitie is een schaakbord van de jonge Frans-Armeense kunstenaar Joseph Arzoumanov. Hij combineert AI, robotica, goudsmederij, zilversmederij en borduurwerk in “The Chessboard of Dreams”, een sculptuur die is geïnspireerd op het liefdesverhaal van zijn grootouders, die elkaar tijdens het Sovjettijdperk in de buurt van Leningrad hebben ontmoet. Zijn team plaatste het geheel onder een robotarm die de stukken van het schaakbord mechanisch verplaatsen. (Lees verder onder de video)
De complexe installatie werd ter plaatse in de voormalige muziekkamer van het Palazzo zorgvuldig opgebouwd door een team van ambachtslieden onder leiding van Arzoumanov. Het schaakspel bestaat uit robotonderdelen versierd met goud en zijden versieringen, Armeense vulkanische steen, en rust op een inlegwerktafel gemaakt van berkenhout, gerookt eucalyptushout en blauwgeverfde esdoorn. Het werk combineert hightech-onderdelen met traditionele, luxueuze materialen en ambachtelijk vakmanschap. Dries Van Noten ontdekte de 23-jarige Franse ontwerper zelf op Instagram, wat mee aantoont hoe hedendaagse platforms de ontdekking van nieuw talent vormgeven. Zijn bijdrage viel Van Noten op omdat deze ter plaatse moest worden vervaardigd en een gezamenlijke inspanning vereiste, waardoor het zich onderscheidt van andere, volledig afgewerkte kunstwerken en het procesgerichte karakter van zijn artistieke output nog eens extra benadrukt. Van Noten financierde ook mee het project.
‘The Only True Protest is Beauty’ is nog te zien in Venetië tot 4 oktober 2026.
Morgen bezoeken we het werk van Koen Van Mechelen in Venetië en staan we stil bij de bijdrage van Miet Walrop in het Belgisch paviljoen.
(Foto’s: Nadine Mestdagh)