
Zegt de naam Toporovski u nog niets? Begin 2018 jaar stond het Russische echtpaar Toporovski in de schijnwerpers van de actualiteit. Het Gentse Museum voor Schone Kunsten (MSK) pakte in oktober 2017 uit met 24 voorheen onbekende werken van belangrijke Russische avant-gardekunstenaars zoals Wassily Kandinsky, Kazimir Malevitsj, El Lissitzky, Natalja Gontsjarova, Alexandra Exter en Vladimir Tatlin.. De kunstwerken waren afkomstig uit de collectie van de Toporovski’s, een Russisch echtpaar dat zich voorstelde als verzamelaarskoppel uit Jette en dat zich omhoog wist te lobbyen tot bij toenmalig Vlaams minister van Cultuur Sven Gatz. Maar kort na de opening van de tentoonstelling doken echter twijfels op over de echtheid van de werken. Experts vermoedden dat ze waren vervalst en publiceerden een open brief. In 2019 werd het Russische echtpaar gearresteerd, verdacht van heling, witwassen, oplichting en valsheid in geschrifte. Het parket stelt nu dat alle werken zijn vervalst. Twee personen die eerder al voor verschillende miljoenen werken kochten van de Toporovskis stelden zich meteen ook burgerlijke partij. Dinsdag aanstaande komt het dossier voor de raadkamer die moet beslissen of het echtpaar naar de rechtbank wordt verwezen of niet.
De 24 schilderijen van de Toporovski-collectie die begin 2018 in het Museum voor Schone Kunsten Gent in beslag genomen werden, zijn “niet gecreëerd door de beweerdelijke auteur”, zo zegt het parket in zijn eindvordering. Op 15 januari 2018 publiceerden De Standaard en The Art Newspaper een open brief van tien internationale specialisten in Russische avant-gardekunst. Ze noemden de 24 werken “hoogst twijfelachtig” en vroegen om ze niet te exposeren. Volgens de ondertekenaars hadden de werken “geen tentoonstellingsgeschiedenis”, waren ze in het verleden “nooit in ernstige wetenschappelijke publicaties opgenomen” en hadden ze “geen traceerbare sporen van een verkoop”. Dezelfde dag sprak het echtpaar Toporovski in een interview in De Standaard die twijfels tegen. “We kunnen de authenticiteit van elk werk aantonen”, zeiden ze. “We hebben van elk collectiestuk een historisch en een wetenschappelijk dossier.”
Daarop kwam de zaak in een stroomversnelling terecht. Eind januari 2018 werd de collectie uit het museum verwijderd en half maart werd ze door de politie in beslag genomen. Er volgden huiszoekingen op verschillende adressen in Gent en Brussel. Drie internationale kunsthandelaars telden zich burgerlijke partij. Bij hen voegde zich een afstammeling van een Russische avant-gardekunstenaar van wie het werk in Gent getoond werd. Ze vonden dat ze schade hadden ondervonden doordat er twijfelachtige kunst op de kunstmarkt kwam. Uit het dossier blijkt dat de 24 bruiklenen naar een wetenschappelijk lab zijn gebracht en daar een pigmentanalyse en koolstofdatering hebben ondergaan. De analyse is volgens het parket eenduidig: ze zijn allemaal “namaak”. Dat wil zeggen, “niet gecreëerd door de beweerdelijke auteur”.
Nog twee andere buitenlandse personen stelden zich eveneens burgerlijke partij, zo weet De Standaard die de zaak verder opvolgde. De eerste van hen kocht volgens het gerechtelijk onderzoek over een periode van acht jaar 112 kunstwerken van het echtpaar Toporovski. Het parket kwalificeert ook die werken allemaal als “namaak”. Met die aankopen was een bedrag gemoeid van 15 miljoen euro. Naast werken van Russische avant-gardekunstenaars werd ook 865.000 euro betaald voor een schilderij dat “beweerdelijk” van Pierre-Auguste Renoir was. De tweede buitenlandse persoon die zich burgerlijke partij stelde, kocht volgens het gerechtelijk onderzoek “minstens 59 kunstwerken” van het echtpaar Toporovski, eveneens “niet gecreëerd door de beweerdelijke auteur”. Daarvoor werd een bedrag van 4,4 miljoen dollar betaald. Daarnaast betaalde die persoon 143.000 euro om zijn aangekochte werken te laten bewaren in een veilige ruimte met aangepaste klimatologische condities. Uit het onderzoek blijkt echter dat ze werden gestockeerd “in een opslagruimte met omstandigheden die allerminst geschikt waren voor de bewaring van kunst”. Voor Igor en Olga Toporovski ziet het Openbaar Ministerie een hele serie van strafbare feiten, te beginnen met leiderschap (Igor Toporovski) of lidmaatschap (Olga Toporovski) van een criminele organisatie “met als oogmerk internationale zwendel in valse kunst”. Worden hen verder ten laste gelegd: valsheid in geschrifte, nagemaakte geschriften, namaak van kunstwerken, oplichting, en fiscale fraude.