
De beursgenoteerde holding GBL trekt haar dividend op met 2,5 % tot 5,125 euro per aandeel. Om en bij 87 miljoen euro daarvan komt terecht bij Ségolène Gallienne-Frère en 29 miljoen bij haar halfbroer Gérald Frère. Beide kinderen van wijlen Albert Frère bevestigen daarmee dat ze meer en meer afstand nemen van de holding die hun vader wist op te bouwen en die op vandaag op de Brusselse beurs nog steeds meer weegt dan 10 miljard euro. Het belangrijkste keerpunt situeert zich precies één jaar terug wanneer in maart vorig jaar de nu 55-jarige Ian Gallienne, schoonzoon van Albert Frère, het operationeel beleid over GBL in handen liet van de 10 jaar oudere nuchtere Duitse manager Johannes Huth. Gallienne stond 14 jaar aan het hoofd van GBL maar slaagde er niet in de holding een nieuw profiel te geven. ‘Gezien de sneller veranderende wereld hadden we wendbaarder moeten zijn met onze participaties.’ zo antwoordde Gallienne in 2023 op de vraag van een journalist of hij spijt had van bepaalde zaken.
Albert Frère overleed in 2018 op 92-jarige leeftijd. Tijdens zijn leven bouwde hij een indrukwekkend netwerk van contacten uit in de financiële en industriële wereld. Als product van zijn tijd was dat netwerk verankerd in de zware industrie en politiek ondersteunde structureren. Die belangen gingen van de staalindustrie over petroleumraffinaderijen tot media. Waar Frère niet in slaagde was zijn eigen familiale opvolging te regelen. Zijn zoon Gérald toonde weinig interesse in de wereld van de haute finance terwijl zijn dochter Ségolène koos voor een residentie in Londen, ver weg van het operationele beleid van haar vaders imperium. Dat was anders met haar echtgenoot Iann Gallienne die wel bereid was operationeel in het beleid te stappen. Albert Frère zelf probeerde nog zijn kleinzoon Cédric, zoon van Gérald, te betrekken in de groep. Maar ultiem kwam Gallienne aan de top van GBL te staan.
De uitdagingen waren daarbij niet gering. Gallienne moest van de zware tanker GBL een meer wendbaar en meer winstgevend schip maken. En dat lukte maar half. In 2023, wanneer hij toen jaar aan het hoofd stond van GBL, maakte hij voor zichzelf een kritische analyse. GBL verloor tijdens zijn beleid 5 % aan waarde terwijl andere holdings zoals Sofina van de familie Boël of Brederode van de familie Van der Mersch hun waarde fors wisten op te drijven. ‘Ik overwoog het interview te annuleren, maar het zal nooit een goed moment zijn’, zei de toenmalige CEO op dat moment ‘We zitten in een transitieperiode. It’s a journey and we are in the middle of it .’ Onder zijn beleid werden traag groeiende industriële bedrijven als Total en Engie ingewisseld voor bedrijven met meer groeipotentieel. Daarnaast kwam er een expansie naar private equity en vermogensbeheer. ‘Gezien de sneller veranderende wereld hadden we wendbaarder moeten zijn met onze participaties.’ Zo antwoordt Gallienne op de vraag of hij spijt heeft van bepaalde zaken. Als CEO verkocht hij voor een half miljard euro Pernod Ricard-aandelen wanneer dat aandeel zakte met 13 procent. Daarvoor al gingen voor een half miljard euro Adidas-aandelen de deur uit terwijl dat aandeel in 2022 halveerde in waarde.
Gallienne bleef daarbij weg van de ontluikende hype in techinvesteringen. ‘Ik stop geen geld in zaken die ik niet begrijp. Ik geloof dat artificiële intelligentie een belangrijke ontwikkeling is, in tegenstelling tot de metaverse, waarvan iedereen twee jaar geleden de mond vol had. Gelukkig hebben we daar niet in geïnvesteerd.” Met zijn echtgenote Ségolène Frère richtte Gallienne ondertussen wel het family office FB Bros op. Dat beheert met een eigen team de persoonlijke belangen van het koppel en staat los van GBL. ‘FB Bros zit aan een dozijn investeringen. We zitten in lederwaren, champagne en cosmetica, maar andere sectoren zijn niet uitgesloten. Ik heb nu geen tijd om me met het family office bezig te houden, maar ik kan me inbeelden dat ik er ooit de leiding overneem.’ Is Gallienne over tien jaar nog CEO van GBL, zo werd gevraagd in 2023? ‘Over vijf jaar wel. Over tien jaar weet ik het niet. De passie is er in ieder geval nog altijd.’ zei Gallienne.
In 2025, dus sneller dan verwacht, kwam de Duitser Johannes Huth aan het hoofd te staan van GBL. De manager zette vaart achter de transitie van GBL van klassieke industrieholding naar een volbloed private-equity- investeerder. Huth werkte een kwarteeuw lang bij de investeringsreus KKR, een ervaring die hem de geschikte persoon maakte om van GBL een belangrijke speler in private equity, durfkapitaal in niet-beursgenoteerde bedrijven, te maken. Als teken van zijn eigen betrokkenheid en vertrouwen kocht hij bij zijn aantreden voor 50 miljoen euro aandelen van de holding.
Ian Gallienne van zijn kant werd voorzitter van GBL. Samen met zijn echtgenote controleert hij 75 % van de holding Eagle die op zijn beurt 16 % controleert van GBL. 25 % van Eagle is in handen van Gérald Frère. Die laatste controleert dan weer 75 % van de holding NPM waar zijn halfzus staat voor 25 %.