Familie Christiaen [146]

Vermogen € 149 469 000
Gekend als ECA
Activiteit Toelevering auto-industrie en tapijt
Inplanting Assenede
Tendens Neutraal
Huidige positie 146


Nadat deze ranking voor het eerst verschenen was in 2000, was Paul Christiaen een van de weinige ondernemers die ons contacteerde, en dan nog wel met een merkwaardige melding: zijn vermogen was te laag ingeschat. Het typeert de man, die als pure selfmade ondernemer trots was op zijn verwezenlijkingen.

In 1948 ging hij van start als groothandelaar in auto-onderdelen. Tien jaar later waagde hij de stap naar de fabricatie van autobinnenbekledingen en matten. Nog eens drie jaar later werd in het Oost-Vlaamse Assenede een productie-eenheid voor autotextiel uitgebouwd. Tot de eerste grote klanten behoorde de groep Scaldia-Volga, onder andere de Belgische invoerder van het Russische automerk Lada. Midden jaren zestig werd Volvo een belangrijke klant.

Tegen 1970 stelde Christiaen meer dan 100 mensen tewerk. Wanneer de textielcrisis toesloeg midden jaren zeventig ging Christiaen op zoek naar oplossingen voor zijn bedrijf. Hij vond die in de productie van kussens voor zitmeubelen. Op die manier kon zijn personeel aan het werk blijven. In 1978 schakelde ECA ook over op het afwerken van auto-interieurs en het verwerken van leder.

De grote omzetexplosie voor het bedrijf kwam er in 1986. De daaropvolgende tien jaar steeg de omzet van 50 naar 200 miljoen euro. Het aantal werknemers overschreed de 1000 en steeg tot meer dan 1600 mensen. Paul Christiaen overleed in 2008 op 85-jarige leeftijd. Zijn bedrijf kende op dat moment een moeilijke periode. De auto-industrie was volop aan het delocaliseren en ECA moest saneren en krimpen. Zoon Luc staat nu aan het hoofd van het veel kleinere bedrijf. Hij kan daarbij wel terugvallen op het grote eigen vermogen dat binnen ECA is opgebouwd.

In 2016 kochten broer en zus Luc en Martine hun neef en nicht Paul en Françoise uit het bedrijf. Het familiaal vermogen werd daardoor gesplitst. Paul en Françoise zijn de kinderen van de vooroverleden broer Jan. Ze controleerden één derde van ECA dat nu voor gelijke delen in handen is van Luc en Martine.