
In 1959 was hij 28 jaar en werd hij gezant voor minister van Buitenlandse Zaken Pierre Wigny in het toenmalige, pas onafhankelijke Congo aan het begin van de Congocrisis. In 1964 werd hij kabinetschef van minister van Buitenlandse Zaken Paul-Henri Spaak. Van 1981 tot 1985 was hij vicevoorzitter van de Europese Commissie, bevoegd voor Industrie. In 1985 werd hij lid van de raad van bestuur van de Generale Maatschappij van België om er vier jaar later voorzitter te worden. Na het faillissement van luchtvaartmaatschappij Sabena in 2001 creëerde hij samen met Maurice Lippens een nieuwe Belgische luchtvaartmaatschappij, Brussels Airlines. Hij was een vertrouweling van koning Boudewijn en later van koning Filip en kan buigen op de erfelijke titel van graaf. Zijn naam: Etienne, Steve, Davignon. Nu is hij 93 en wordt hij verdacht van medeplichtigheid bij de moord op Patrice Lumumba. Het parket wil hem voor de rechtbank brengen.
Ondanks de perceptie zal Etienne Davignon nooit in de lijst van De Rijkste Belgen worden opgenomen. Zijn vader was een ambtenaar-diplomaat die een persoonlijke raadgever werd van Leopold III. Het was een voorbode van het feit dat de naam Davignon zal opduiden in vele van de belangrijkste Belgische dossiers, van de Congo-kwestie over de raid op de Generale Maatschappij door Carlo de Bendetti tot de redding op zijn Belgisch van de luchthaven van Zaventem gekoppeld aan Brussels Airlines. Maar echt rijk werd Davignon nooit, hij bleef een uitvoerder en een uitstekende netwerker die ook enkele jaren voorzitter was van de Bilderberg conferentie.
Nu komt een historisch proces dichterbij voor België en voor Etienne Davignon die zich volgens een beslissing van de raadkamer zal moeten verantwoorden voor zijn rol bij de moord op Congolees premier Lumumba in 1961. Vijftien jaar terug hebben drie zonen van Patrice Lumumba een klacht neergelegd. Zij wilden dat het gerecht onderzoek zou doen naar de betrokkenheid van de Belgische staat bij de moord op hun vader. Lumumba werd in 1960 verkozen als de eerste premier van het pas onafhankelijke Congo. Het werd zijn taak om zijn land door het dekoloniseringsproces te loodsen. Maar omdat hij het koloniale, Belgische juk volledig wilde afwerpen, maakte hij in België en in Congo veel vijanden. (Lees verder onder de foto)

Lumumba werd van de macht verdreven en vermoord in Katanga: een provincie die zich van de rest van het land had afgescheurd onder leiding van Moïse Tshombe. Katanga was en is letterlijk een goudmijn, rijk aan delfstoffen die destijds de mee basis vormden van het industrieel succes van de Generale Maatschappij, de Société Générale, die het oude België financieel verankerde.
De executie van Lumumba werd uitgevoerd door Katangese rijkswachters, maar ook Belgische militairen en agenten waren erbij betrokken. Toen de familie de klacht indiende, waren er een tiental Belgen die in verband konden worden gebracht met de moord. Maar Etienne Davignon is de enige van hen die nog in leven is. Als het van de raadkamer in Brussel afhangt, moet hij verantwoording afleggen voor zijn daden uit 1961. Zij heeft hem doorverwezen naar de correctionele rechtbank voor een proces. Davignon kan tegen die beslissing nog in beroep gaan.
Davignon stond destijds in contact met alle sleutelfiguren in België en Congo die erbij gebaat waren om Lumumba uit de weg te ruimen. Historicus Ludo De Witte spitte de Belgische betrokkenheid uit in zijn boek De moord op Lumumba (2000). Zijn werk was de aanzet voor een parlementaire onderzoekscommissie. Davignon stond als diplomaat dicht bij toenmalig buitenlandminister Pierre Wigny. Van hem is het citaat dat Lumumba “hors d’état de nuire” moest worden gesteld: onschadelijk moest worden gemaakt. “Hij heeft toen een aantal telexen doorgestuurd naar Katanga”, zegt De Witte. “Daaruit konden de ontvangers opmaken dat er in Brussel geen bezwaar bestond tegen de transfer en dus ook niet tegen de moord.” In 2024 is België veroordeeld voor misdaden tegen de menselijkheid in koloniaal Congo. Doorgaans is het ‘de staat’ die in dergelijke dossiers wordt aangewezen als de beklaagde. Dat er een individu, en zeker een hooggeplaatst figuur als Davignon, in het vizier komt, is volgens experts ongezien.
De documenten waarin zwart op wit staat dat België de hoofdrolspeler was in de moord op Lumumba, bleven decennia lang onder de radar. Hoe kwam dat? “In België zelf was er zeer weinig commotie over de zaak-Lumumba. Dat komt omdat de pers de publieke opinie maandenlang had bewerkt met een haatcampagne tegen Lumumba.” zo zei Ludo De Witte daarover. “Ook het hof heeft zijn volle gewicht in de schaal gegooid. In zijn 21-juli-toespraak van 1960 kiest Boudewijn openlijk partij voor Tshombe en tegen Lumumba. In december verleende Laken Tshombe een audiëntie en ontving hij het prestigieuze grootlint in de Kroonorde.” (Lees verder onder de foto)

Wist Boudewijn dat zijn regering Lumumba om het leven wou brengen? De Witte: “Zolang de archieven van het hof gesloten blijven, kan ik daarover enkel speculeren. Maar op basis van feiten kan ik wel twee conclusies trekken. Eén: de politieke eliminatie van Lumumba stond hoog op het verlanglijstje van Boudewijn. Twee: het feit dat in deze zaak een aantal hoofdrolspelers bloed aan zijn handen had, was voor het hof geen beletsel om die mensen nadien erg dankbaar te zijn voor de ‘goede afloop’ van de Kongo-crisis. Zij kregen promotie, werden in de adelstand verheven of opgenomen in de entourage van het hof. Zowel de politieke klasse als het hof had een rechtstreeks en groot materieel belang bij de afwikkeling van de Kongo-crisis: Boudewijns medewekers zaten in het hoogste orgaan van de Generale Maatschappij, ministers waren tegelijk beheerder van koloniale bedrijven. ”
In 2001 werd Davignon geconfronteerd met de beschuldigingen van De Witte. “Ik kan alleen getuigen over wat ik weet.”, zo reageerde hij. “Op basis van wat ik gezien en beleefd heb, is Lumumba niet door de Belgen vermoord.” Zegt u nu dat de Lumumba-commissie overbodig is?, vraagt een journalist. “Wat is het doel van de commissie? Als ze een wetenschappelijk beeld wil brengen van wat er in die periode gebeurde, dan is dat altijd nuttig. Als het de bedoeling is voor of tegen van het boek van Ludo De Witte te zijn, dan is het slecht. De werkelijkheid is altijd meer gecompliceerd, maar de bedoelingen de commissie zijn niet altijd even duidelijk.”
Misschien komt er nu nog meer licht op het dossier. In 2021 werd Davignon gevraagd welke impact hij hoopte op de wereld na te laten. “Op de wereld heb ik zeker geen impact nagelaten. De tijd gaat voorbij en wist het verleden uit. Wat tien jaar geleden belangrijk was, is het vandaag niet meer. Maar voor mijn kinderen en kleinkinderen hoop ik wel iets blijvend te hebben nagelaten.”