Familie Van den Brande in moeilijke papieren met rusthuisgroep Orelia

Lode Van Den Brande enkele jaren terug bij de aanplanting van zijn wijngaard in Boechout waar hij ook gemeenteraadslid is. (Foto: Belga Images)

De Kempense familie Van den Brande zoekt een partner die vers kapitaal kan aanbrengen in hun bedrijf Orelia, de exploitant van 15 commerciële rusthuizen. Volgens Dirk Van den Brande is er geen reden tot paniek en zijn de financiële moeilijkheden van voorbijgaande aard. Bij Orelia werken om en bij 1.000 mensen. De media aandacht voor het bedrijf zorgt voor onrust bij de vakbonden die dringend meer uitleg vragen. In oktober zette Lode Van den Brande een stap opzij als CEO en voorzitter van Orelia. Zijn twee broers nemen nu de leiding over, ook over de diversificatie van de familie die financieel weinig vruchten oplevert.

De familie Van den Brande was eerder actief in de sector met de woonzorgcentragroep Armonea die het controleerde samen met de AB Inbev familie de Spoelberch, 2019 was daarbij een belangrijk jaar voor de familie Van den Brande en haar holding Palmyra Brands. In dat jaar verkocht de familie samen met haar collega aandeelhouders de Spoelberch Armonea aan de Franse concurrent Colisée. De familie Van den Brande kon daarop een meerwaarde incasseren van 64 miljoen euro. De opbrengst van die operatie werd onder meer gebruikt om de lange termijn bankschulden af te bouwen van 169 naar 24 miljoen euro. Ondertussen werkte ze met Orelia verder aan de uitbouw van een eigen groep rusthuizen. Orelia sloot daarbij dat jaar een erfpachtovereenkomst met de groep Cofinimmo voor 6 bestaande rusthuizen. Tenslotte nam Palmyra in datzelfde jaar ook het West-Vlaamse bedrijf Aperi over, een kleine specialist in digitale communicatiesystemen voor rust- en ziekenhuizen.

Volgens de krant Het Nieuwsblad is het nu precies Aperi dat de grote slokop is van cash. Het bedrijf ontwikkelt onder meer detectiesystemen voor bejaarde bewoners van rusthuizen. Duidelijk is dat de familie met belangrijke moeilijkheden heeft moeten afrekenen in haar diversificatie. In 2023 werd een minwaarde geboekt van 56,5 miljoen euro op de diversificatie activiteiten ondergebracht in de holding Beukenwoud. Die holding omvatte in hoofdzaak de Zwitserse domotica specialisten Aizo en eSmart en de producent van pickles Sourz International. In de geconsolideerde jaarrekening over 2023 van de centrale holding Palmyra Brands staat vermeld dat de verkoop van Beukenwoud met een minwaarde van 56 miljoen euro. aansluit bij de vermoedelijke opbrengst van de verkoop. In 2022 boekte de familie al via een kapitaalverlaging een verlies weg bij Beukenwoud van 48 miljoen euro. Een groepsrekening voor 2024 is er nog niet. In de enkelvoudige rekening over 2024 werd alvast een herwaardering ingeschreven van 21 miljoen euro.

Volgens Dirk Van den Brande hoeven de bewoners en personeelsleden van de woonzorgcentra zich geen zorgen te maken. “We zijn op zoek naar een externe partner om een kapitaalsverhoging bij Orelia te doen”, zegt hij. Van een verkoop van Orelia is volgens hem geen sprake. “Er is nu een tijdelijk probleem, maar eens we een nieuwe partner hebben gevonden, is dat probleem opgelost.” Volgens Het Nieuwsblad zou het ontslag van Lode Van den Brande een gevolg zijn van de investeringsproblemen maar zijn broer ontkent dat. “Lode is 61 jaar en heeft besloten om zijn activiteiten af te bouwen”, zegt Dirk Van den Brande. “Hij zal zich vanaf nu focussen op onze activiteiten in Duitsland en Nederland.” Lode Van den Brande, die ook gemeenteraadslid is van Boechout, was de enige bestuurder van Aperi. De jaarrekening van Aperi over 2024 eindigde met een verlies van 0,3 miljoen euro terwijl de voorraden bijna verdubbelden tot 0,7 miljoen euro. Daar stonden 0,24 miljoen euro handelsvorderingen tegenover.

In een persbericht bevestigt Orelia dat het door ‘financieel zwaar weer’ gaat, ‘als gevolg van vooral de sectoruitdagingen en daarnaast specifieke betalingsvertragingen en tegenslagen in de bredere groep’. Die ’tijdelijke financiële uitdagingen’ hebben volgens het persbericht ‘geen impact op de zorgkwaliteit, onze bewoners en onze medewerkers’. Als specifieke sectoruitdagingen wijst het bedrijf naar de inflatie van zowel loonkosten als grondstoffenprijzen, die maar met maanden vertraging kunnen worden doorgerekend. Ook kan het bedrijf niet op volle capaciteit draaien wegens personeelstekorten, terwijl de huurprijzen wel zijn berekend op een volledige bezetting, klinkt het. ‘De financieringsronde staat volledig los van de dagelijkse werking’, klinkt het in een persbericht. ‘Voor de woonzorgcentra, de bewoners en de medewerkers verandert niets.’

Dat alles kan de vakbonden niet gerust stellen. “Er blijkt een zwaard van Damocles boven de hoofden van personeel en bewoners te hangen, maar als vakbond krijgen we daar geen enkele informatie over.” zo zegt de socialistische vakbond BBTK. Ook ACV Puls wil meer duidelijkheid. De christelijke vakbond wil dat Orelia een bijzondere ondernemingsraad belegt, “zodat we het risico voor personeel en bewoners kunnen inschatten”. Bevoegd Vlaams minister van Welzijn, Caroline Gennez (Vooruit), noemt het nieuws van haar kant “bijzonder zorgwekkend”. “Geld dat de overheid in ouderenzorg investeert, is bedoeld om kwaliteitsvolle en betaalbare zorg voor onze ouderen te garanderen”, zegt ze. “Dat geld mag nooit gebruikt worden om via complexe structuren andere bedrijven te financieren of om verliezen buiten de zorgsector op te vangen.”