
In juni van dit jaar heeft de federale politie een huiszoeking uitgevoerd in de Brusselse galerie van de antiquairs Olivier Theunissen en Nicolas de Ghellinck, in de Regentschapsstraat 21, nabij de Zavel. Tegelijkertijd werd ook de woning van de eerstgenoemde in het Waals-Brabantse Lasne doorzocht. Aan de onderzoekswebsite nationale4 zegt het parket dat de huiszoekingen zijn uitgevoerd in het kader van het Reynders-dossier. Het gaat om onderzoek naar vermoedens van witwassen. In dit stadium van de gerechtelijke procedure geldt voor de betrokkenen het vermoeden van onschuld. In een eerste fase van het witwasonderzoek stonden de zogenaamde ‘dwangmatige aankopen’ van krasbiljetten van Reynders centraal.
De website nationale4 is het werk van de journalist Philippe Engels die eerder al het boek de ‘Clan Reynders’ publiceerde. Nu fileert hij de antiquair Olivier Theunissen. Hij start daarbij met een aantal merkwaardige vaststellingen. “Sinds het uitbreken van de Reynders-zaak, afgelopen december, is Olivier Theunissen een man met haast.” zo schrijft Engels. De Brusselse antiquair heeft de villa van zijn ouders in Lasne te koop gezet. Verwachte opbrengst: ongeveer 2 miljoen euro. Op 16 maart jongstleden heeft hij ook haastig een bonte verzameling voorwerpen, antiek en kunstwerken verkocht via een online veiling die voor veel gespreksstof zorgt in de kleine besloten kring van Brusselse antiekhandelaren. De kavels waren ten toon gesteld in villa die nu in zijn geheel te koop staat. “Hij raakt in paniek”, “hij is bang geworden”, “hij heeft geprobeerd te anticiperen op mogelijke juridische problemen”, zo vertellen insiders, aldus nationale4. Want de banden die Olivier Theunissen verbinden met Didier Reynders en zijn compagnon Jean-Claude Fontinoy, voormalig kabinetsadviseur bij Financiën en vervolgens bij Buitenlandse Zaken, lijken ineens gênant.
De 55-jarige Olivier Theunissen is verankerd in het Brusselse liberale milieu. Enkele maanden terug nam hij ontslag als consulaire rechter bij de Franstalige Ondernemingsrechtbank van Brussel. Hij is actief binnen de Cercle Gaulois en lid van de Orde van Malta. Hij is onder meer het vicevoorzitterschap van de Koninklijke Kamer van Antiquairs van België en bekleedt een bestuursfunctie bij BRAFA , de belangrijkste kunst- en antiekbeurs van het land. Daarnaast is hij bestuurder en lid van het directiecomité van de naamloze vennootschap ITB-Tradetech, specialist in de aanleg van spoorwegovergangen, en een bedrijf waar Didier Reynders vóór zijn ministeriële carrière werkzaam was en waarvoor Jean-Claude Fontinoy reclame maakte in Congo. Theunissen werd tot twee keer toe officieel onderscheiden door Reynders. Op 8 mei 2012 werd hij benoemd tot Ridder in de Kroonorde. Theunissen was op dat moment kandidaat gemeenteraadslid voor de liberale MR-fractie in de gemeenteraad van Lasne. Op 21 december 2018 werd de antiquair Ridder in de Orde van Leopold. (Lees verder onder de foto)

Eind vorig jaar werd Theunissen geïnterviewd, vier weken na de huiszoekingen bij de liberale politicus, door de kranten van de Sudinfo-groep: “Laten we zeggen dat ik een goede relatie met hem heb. Hij heeft onze vzw, die zich inzet voor de opwaardering van de hele historische wijk Sablon, veel geholpen. Ik kan u zeggen dat ik stomverbaasd ben over dit onderzoek. Didier Reynders heeft zijn leven gewijd aan België, hij is een groot staatsambtenaar. Ik ben echt verbaasd dat een man van dit niveau zulke bijzondere dingen kan doen. “
En dan is er nog Jean-Claude Fontinoy, de man die bijna twintig jaar lang in de schaduw handelde met en voor Didier Reynders. Naast zijn openbare mandaten en zijn functies in de kabinetten van minister Reynders, heeft Fontinoy altijd een visitekaartje als kunstexpert op zak gehad. Meer dan vijftien jaar lang brachten de persoonlijke chauffeurs Fontinoy als toenmalige voorzitter van de NMBS “bijna elke dag”, aldus een van hen, naar de Zavel. Een van de chauffeurs vertelt aan nationale4: “Jean-Claude Fontinoy stapte vaak uit bij de Zavel met veel geld in de rechterachterzak van zijn broek. Meerdere keren vroeg hij ons om stapels voorwerpen in te laden. Meubels, klokken, enzovoort. Hij sloeg die op in een van zijn kasteelboerderijen in Mozet, waar we hem elke werkdag en zelfs sommige weekends gingen ophalen en terugbrachten.” Wie ging Fontinoy bezoeken in de Zavelwijk? De chauffeur in kwestie noemt slechts één naam, die van Olivier Theunissen.