Het gat in de begroting, met dank aan AB Inbev

700 miljoen euro. Zoveel roerende voorheffing wou de Belgische staat innen op het dividend dat de bierreus AB Inbev zou uitkeren. Maar dat was buiten de waard gerekend. AB Inbev zette de tering naar de nering en halveerde zijn uitgekeerd dividend tot 3,6 miljard euro. Meteen zag de Belgische staat 350 miljoen euro door haar neus geboord. Dat bedrag vormt mee onderdeel van het gat in de federale begroting van 2019 dat oploopt tot bijna 7 miljard euro en dubbel zo groot is als aanvankelijk vooropgesteld. “De daling (van de inning van roerende voorheffing) is voor een gedeelte te verklaren door een lagere inning voor het dividend van één heel grote onderneming.”, zo staat in het rapport van het Monitoringcomité dat de begroting opvolgt.



Het Monitoringcomité bestaat uit topambtenaren die de budgettaire toestand opvolgen. Dat het begrotingstekort explodeert is het gevolg van de uitgaven in de sociale zekerheid die sneller stijgen dan verwacht en enkele inkomsten die tegenvallen. Zo liggen de opbrengsten uit de roerende voorheffing die moet worden betaald op dividenden en andere inkomsten uit kapitaal 690 miljoen euro lager dan verwacht. ‘De daling is voor een gedeelte te verklaren door een lagere inning voor het dividend van één heel grote onderneming’, staat in het rapport van het Monitoringcomité. De overheid liep daardoor 350 miljoen euro mis. Verschillende bronnen zeggen dat het gaat over het dividend van AB InBev, zo weet de Tijd.

Vorig jaar leverde het dividend van AB InBev de staat 500 miljoen euro aan roerende voorheffing op, voor dit jaar rekende de overheid zelfs op 700 miljoen euro. De brouwer maakte in oktober van vorig jaar evenwel bekend dat hij het totaal aan uitbetaalde dividenden halveert van 7,27 miljard naar 3,63 miljard euro om zijn schulden sneller af te bouwen. Daardoor zal de overheid ‘slechts’ 350 miljoen euro aan roerende voorheffing ophalen.

Op een dividend moet normaal 30 procent aan roerende voorheffing worden ingehouden. Een snelle rekensom leert dat als de Belgische staat 350 miljoen euro aan roerende voorheffing int, aandeelhouders die in ons land gevestigd zijn een kleine 1,2 miljard euro aan brutodividenden krijgen. Dat cijfer kan evenwel een vertekend beeld geven. ‘Grote familiale aandeelhouders hebben hun aandelen vaak ondergebracht in een vennootschap en betalen pas effectief belastingen als ze de dividenden uit de vennootschap halen. Dat gebeurt meestal, maar niet altijd in het jaar van de uitbetaling van het dividend’, zegt fiscaal advocaat Frank De Langhe in de krant.

AB Inbev is mee in handen van de Rijkste Belgische families Van Damme, de Spoelberch en de Mévius. De halvering van het AB Inbev dividend kost Alexandre Van Damme, de Rijkste Belg, een slordige 225 miljoen euro. Van Damme is met 7,5 % de belangrijkste individuele aandeelhouder van de biergroep. Hij ziet zijn inkomstenstroom uit dividenden halveren van 457 miljoen euro over 2017 naar 225 miljoen euro over 2018.