Chateau Residenties is een bouwpromotor die hoofdzakelijk actief is in hotelprojecten aan de Belgische kust. De groep is in handen van de broers Debucquoy. Hun moeder Liliane Van Canneyt is een telg uit de gelijknamige familie die een belangrijke aandeelhouder was van de houtverwerkende groep Unilin uit het West-Vlaamse Ingelmunster. Dat bedrijf, bekend van de Quick Step-vloeren, werd in 2005 verkocht aan het Amerikaanse Mohawk voor een bedrag van 2,2 miljard euro. In dat jaar was Unilin talk of the town in Zuid-West-Vlaanderen. De familie Debucquoy besloot hun deel van die opbrengst te herinvesteren in vastgoed aan de kust. Hun oom Bernard Van Canneyt is al langer actief op de vastgoedmarkt met de groep Brussels Projects.
De groep verwierf zeer snel een aantal belangrijke panden en projecten maar komt nu vooral in de actualiteit als promotor achter de bouw van het nieuwe stationsgebouw in Blankenberge. “Wij zijn al sinds 1981 actief in Blankenberge met projecten zoals Sea Garden Village, Le Cygne en Residentie Rotessa. Dat we de nieuwe stationsomgeving mogen uitwerken, is een hele eer, want het wordt een uniek project voor de kust”, zei woordvoerder Bart Slabbinck daarover. Het project omvat onder meer twee nieuwe hotels. Een van die hotels komt boven het stationsgebouw, het andere wordt gebouwd boven de winkel- en kantoorruimtes op de huidige parking. Het worden twee hotels van de Accor-groep, elk goed voor zo’n tachtig bedden. Na de realisatie van het station volgt het woonproject, waar plaats is voor 320 tot 400 woningen, waarvan 80 sociale kavels.
In de jaren ’20 kwam de groep in negatief juridisch vaarwater terecht. In de herfst van 2025 moest Creadomus Invest, in handen van de familie, de eigenaars van 13 appartementen in Zeebrugge globaal om en bij 3 miljoen euro terugbetalen om hun eigendommen terug te kopen. Volgens het Gentse Hof van Beroep werden de kopers bedrogen bij de aankoop van hun appartementen nu ondertussen vijf jaar terug. De verkopende vastgoedvennootschappen hebben “kunstgrepen aangewend” en de potentiële kopers “doelbewust een rad voor ogen gedraaid”, zo oordeelt het Hof. Twaalf keer gaat het om de combinatie Creadomus Invest met Sea Port Residenties. Die laatste is in handen van de familie Vermeersch. Creadomus liep op dat moment al langer in het oog van de media. In 2024 berichtte het Nieuwsblad over het dossier Creadomus waarbij 300 misnoegde kopers zeker 10 rechtszaken hadden lopen. Sinds publicatie van dat dossier hebben al verschillende rechtbanken zich uitgesproken. Maar in veel zaken werd door de ene of de andere partij beroep ingesteld en is het nog wachten op de einduitspraak. De uitspraken in die zaken gaan nog steeds verschillende richtingen uit. Zo gaf de rechtbank van eerste aanleg in Hasselt een grote groep kopers van vakantieverblijven in Limburg, die ook bedrog hadden ingeroepen, ongelijk. In Frankrijk en Duitsland kregen klagende kopers dan weer gelijk. De betrokken vennootschap Creadomus is tegen al die uitspraken in beroep gegaan, betwist de conclusies van de gerechtsexpert die de waarde van de flats bepaalde en benadrukt dat er ook uitspraken in haar voordeel zijn.
